De man in de regenjas

‘Ik kan wel zeggen dat ik de boot heb gemist in mijn leven,’ zei de man in de grijze regenjas. Hij stond aan het water in Amsterdam Noord en keek naar de overkant. Als hij alle gebouwen in het centrum even wegdacht, dan had hij prachtig uitzicht op Amsterdam Zuid. Daar woonde zijn grote liefde. Laat ik haar Annie noemen. Languit op de bank zapte ik langs Annie en de regenjas. Ik zag foto’s van Annie en de regenjas uit 1947, toen ze samen in een banjo-orkest hadden gezeten. Wat er zo leuk was geweest aan Annie, vroeg een stem buiten beeld. ‘Ja, dat ze zo dun was,’ zei de regenjas, dat vond hij leuk. ‘Maar,’ zo voegde hij er gelijk aan toe, ‘het was vlak na de oorlog dus iedereen was dun.’ Ik hoopte dat de liefde wat dieper was gegaan, maar al snel kwamen er foto’s in beeld van Annie die het met Jan en alleman deed. ‘Het was vlak na de oorlog, dus iedereen deed het met iedereen,’ zei de regenjas om het gesloerie van zijn Annie goed te praten. Uit de binnenzak van zijn regenjas haalde hij een foto van hem en Annie in een bootje, met een banjo. ‘Wie is die jongen naast haar?’ vroeg de stem buiten beeld. De regenjas wist het niet. Ach ja, Annie, die was altijd met andere jongens.De regenjas was daarna naar Nieuw Zeeland geëmigreerd. Niet omdat hij dat wilde, maar omdat hij moest van zijn ouders. En weer kwam er een foto uit zijn binnenzak, van zijn ouders. Een man en een vrouw uit Amsterdam Noord die het maar niks hadden gevonden dat hun zoon omgang had met een chic meisje uit Zuid. ‘Ik had gewoon nee moeten zeggen tegen mijn ouders,’ zei de regenjas.Daar stond hij, een oud geworden jongetje bij een bankje aan de pont over het IJ. ‘Hier zaten we,’ zei hij. Of hij haar daar gezoend had, vroeg de stem buiten beeld. Dat had hij niet. Ja, dat had hij eigenlijk wel moeten doen, maar ja, het was na de oorlog, toen werd er niet gezoend zei de regenjas.
Gelukkig was het zo’n programma waarbij ze uit het niets een Annie tevoorschijn kunnen toveren. En ja hoor, daar was ze. Prachtige vrouw met zwarte krullen. De regenjas rende op haar af en sloeg zijn armen om haar heen. Zijn neus kwam tot haar navel. Verbaasd keek Annie op hem neer. ‘Wat zie jij er anders uit,’ zei ze in plat Amsterdams. De regenjas hoorde niet eens wat ze zei. Hij snikte het uit, met lange halen. Zijn tranen lieten strepen achter op haar witte jasje. Zijn hele leven had zo veel beter kunnen zijn als zijn ouders hem niet gedwongen hadden om te emigreren, als hij Annie maar had durven zoenen en als Annie niet zo’n lellebel was geweest die het met het hele banjo-orkest deed.
Iets beters was er even niet op televisie.

10cc

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s