Maandelijks archief: januari 2012

Manon en haar kanon

Ik liet mijn portret tekenen. Ik kreeg ogen en een neus, een mond en zelfs nog wat blonde haren op mijn hoofd. Ik kreeg ook een baardje. Zo’n stoppelig ringbaardje en gouden oorbellen. Als ik het ringbaardje weg dacht leek het portret nog aardig.  Pas toen de tekenaar een ooglapje erbij tekende, zag ik niet meer zo veel gelijkenis. ‘Zo, en nu Manon en haar kanon,’ zei de tekenaar. Ik kreeg een papegaai op mijn schouder en een tatoeage op mijn linker arm. Ik leek wel een piraat. Toen ik daar iets van zei, zei de tekenaar dat ik mijn portret maar door iemand anders moest laten maken als ik niet tevreden was. Nog voor we ruzie kregen over de gelijkenis van het portret, probeerde ik het te sussen. Nooit in discussie gaan met mijn neefje van drie.

Advertenties

Henk

Ik kan heel vrolijk worden van de naam Henk. Waarom dat is weet ik niet. Het is niet dat ik iemand ken die zo heet. En de enige die ik kende die wel zo heette, liet voor heel veel geld zijn naam veranderen en heet nu Harry. Wat ongeveer hetzelfde is als Henk, maar dan minder grappig. Soms, als ik het heel druk heb, zoek ik op internet naar plaatjes van mensen die Henk heten. Henken lachen bijna altijd. Uiteraard heb ik er ook een studie van gemaakt. Zo zijn de meeste Henken tussen 1947 en 1972 geboren. Vorig jaar waren er 5935 Henken in Nederland. Plus nog achtenvijftig vrouwen die Henk heten (!). In totaal heeft 1,4% van de Nederlandse mannen Henk, als eerste of tweede naam. De kans dat je Henk heet is dus meer dan 1 op 100. De eerste Henk werd in 1908 geboren. In het topjaar 1962 werden er bijna tweehonderd Henken geboren. Vorig jaar waren dat er nog maar zestien. Tot zover. Het is verbazend hoe veel tijd ik om handen heb nu mijn twee boeken af zijn.

 

Today was a good day

  

Vandaag was een goede dag. Al was het alleen maar omdat ik de laatste versie van mijn nieuwe IzzyLove-boek inleverde bij de uitgeverij. Het boek dat een half jaar geleden nog ‘Hoe weet je of de nieuwe vriend of je moeder een moordenaar is?’ heette.  Waarom ik de titel veranderd had, wilde een bevriende kinderboekenschrijver weten. Hij vond de eerste titel leuker. Ik ook. Maar mijn nieuwe vriend driegde me te vermoorden als ik de titel niet zou veranderen. Dan zwicht ik snel. En vandaag was mijn boek af en ik ben zoooooo blij (dat mijn neus van voren zit en niet opzij…). Als alle jongens en meisjes van tien jaar en ouder mijn boeken nu gaan kopen, dan ben ik helemaal tevreden.

 

 

Ikeaman

Wie de Ikeaman was in mijn leven wilden vriendinnen weten. En hoe het kon dat ze niets hadden gemerkt. Ikeaman zelf was helemaal niet blij met zijn nieuwe bijnaam. Hij had een grondige hekel aan Ikea. Altijd al gehad ook. En nu wezen mensen hem op straat na en riepen ‘hé, Ikeaman.’ Dat mijn vriendinnen niet van zijn bestaan wisten is niet gek want hij woont aan de andere kant van het land. Als u hem ziet lopen, moet u even ‘Ikeaman’ roepen. Dan zal hij lachen. En lachend is hij op zijn leukst.

Hoe wij onszelf bijna te grabbel gooiden

Het jaar 2011 was een beetje een rottig jaar, zei mijn vriendin M. Dat vond ik ook. Mijn jaar verdiende ook niet direct de schoonheidsprijs. M. en ik hieven virtueel een glas champagne, want tijd om elkaar in het echt te zien hebben we niet. Ben je gek, we zijn allebei hartstikke druk met boeken schrijven. ‘Weet je,’ zei M. ‘Stel nou dat 2012 een nog veel erger jaar wordt. Dat 2011 alleen maar de opmaat was naar nog veel meer drama en financiële rampspoed.’ Ik lachte haar virtueel uit. ‘Doe niet zo gek,’ zei ik. ‘Vanaf nu wordt alles beter. Dat is het voordeel als alles misloopt. Slechter kan het niet worden.’ Maar M. – ook freelancer – zag dat anders. Een van haar grote opdrachtgevers had al weken geen werk meer voor haar en voor het komend jaar was haar agenda nog schrikbarend leeg. Zelf had ik ook niet echt iets dat op betaald werk leek. Ik schonk nog twee glazen champagne in, of deed in ieder geval alsof. Een nog slechter jaar dan het vorig jaar, ik kon het me bijna niet voorstellen. M. stelde voor dat we onze lichamen zouden verkopen. Zelf was ze door alle ellende lekker dun geworden, dat vonden mannen leuk. Ik daarentegen was door de ellende lekker dik geworden. Dat vinden mannen ook leuk. Maar om nu direct onze lichamen te verkopen ging mij wat ver. Bovendien had ik net een hele leuke nieuwe man gevonden die ik juist trouw had beloofd. ‘Overmacht,’ zei M. Ik schudde mijn hoofd. Eerst maar eens zien wat het nieuwe jaar te bieden heeft voor we onszelf te grabbel zouden gooien. Maar mocht iemand nog wat leuke en betaalde schrijfopdrachten hebben, mijn vriendin M. en ik hebben alle tijd van de wereld.

Antwerpen

Het is uitverkoop in Antwerpen. Dat weet ik omdat ik er gisteren was met mijn dochter. Of ik het niet erg vond om zevenendertig winkels in negen uur te bezoeken, vroeg mijn meisje. Ik verstond haar eerst niet omdat de muziek wat hard stond. Ik zag haar ook niet goed want in mijn armen hield ik zevenhonderd zomertopjes die nu in de aanbieding waren. Gelukkig begrijp ik mijn meisje ook zonder woorden en dus schudde ik heel hard nee. Ik vond het niet erg. Integendeel, ik ben dol op grote winkels waar uitverkoop is van zomertopjes als het buiten stormt en hagelt. Vooral als het binnen dan lekker warm en druk is. Met veel vrolijke muziek. Mijn meisje leek echt blij. ‘Ik ga nog even wat passen,’ zei ze, terwijl ze met tien skinny’s naar de kleedkamer liep. Ik zei dat ik wel op haar zou wachten. Wat kon ik anders? Nou ja, behalve dan even mijn moeder bellen om haar met terugwerkende kracht te bedanken voor alle keren dat ze met mij kleren ging kopen vroeger.

10cc